water valt

Er valt water op honderd stappen van mijn atelier.
Kijken naar de vanzelfsprekendheid van dat vallende water, hoe loom het zich na het vallen herstelt, dan opnieuw valt, schuimt en onaangedaan verder stroomt, naar de Maas misschien, dat trage en stille stemt tot nadenken.
Het is hier geen Genua of Sils Maria, maar Rotterdam. Er komt geen dooiwind aan te pas en ik loop er zó naar toe… proche…te vatten dichtbij.

zie: proche

zie: zomerse winterwaterval

zie: parallel falls

zie: contemplation

Tsjechov



Onderstaande troostrijke tekst  van Tsjechov, 
hangt sinds jaar en dag aan de wand van mijn atelier:


Al wandelend hadden zij het over de wonderlijke belichting
van de zee:

het water had een zachte, warme, paarsachtige kleur
en er lag een gouden streep maanlicht overheen …

In Oreanda zaten zij een tijdlang op een bank,
niet ver van de kerk, keken naar de zee beneden en zwegen.
Jalta was nauwelijks te zien door de ochtendnevel heen;
op de toppen van de bergen lagen roerloos witte wolken.
De bladeren bewogen niet aan de bomen, krekels sjirpten
en het eentonige doffe geklots van de zee
dat van beneden opklonk, sprak van rust,
van de eeuwige slaap die ons wacht.
Zo heeft het daar beneden geklonken toen er nog geen Jalta
en geen Oreanda was, zo klinkt het nu
en zo zal het blijven klinken, even onbewogen en dof,
als wij er niet meer zullen zijn.
En in deze bestendigheid, in deze algehele onbewogenheid
ten aanzien van leven en dood van ieder van ons,
ligt misschien de verzekering besloten
van onze eeuwige verlossing,

van de onafgebroken beweging van het leven op aarde,
van een voortdurend nader komen tot het volmaakte.
Terwijl hij daar zo zat, zo vredig en zo bekoord door
de sprookjesachtige omgeving – de zee, de bergen,
de wolken en de wijde hemel – met naast zich
deze jonge vrouw,
die in de ochtendschemering zo mooi leek,
kwam de gedachte bij Góerof op dat in werkelijkheid,
wanneer men erover nadenkt, alles mooi is in deze wereld,
alles,
behalve wat wij zelf denken en doen wanneer wij
onze menselijke waardigheid
en onze hogere aspiraties in het leven vergeten.
Er kwam een man op hen toe, waarschijnlijk een wachter;
hij keek naar hen en liep weer weg.
En ook dit detail scheen geheimzinnig en mooi.
In het schijnsel van de dageraad kon men een boot
uit Fedosia naderbij zien komen, al met gedoofde lichten.
“Er ligt dauw op het gras”, verbrak Anna Sergéjewna
het stilzwijgen.

“Ja, het is tijd om naar huis te gaan”.

uit: De dame met het hondje.
Anton Tsjechov

zie: sgelare
zie: inleving
zie: Méditerranée(2)
zie: Il faut méditerraniser
zie: Springbalsemien an der Saale…

 

collections (1)

stoel, 4mm. plaatstaal 77 x 56 x 61c m. 1992.
private collection France

De werken in mijn denkbeeldig archief en de collecties
waarin zij zijn opgenomen zijn een steun en toeverlaat.
Zij die houden van -zich ontfermen over- en willen leven met
mijn werk worden door mij dan ook op handen gedragen.
Het blijft een bijzondere gebeurtenis om het werk in de nieuwe
omgeving te mogen bekijken en het meestal pas dán
als op zichzelf staand te kunnen zien.

“memory sticks” 2004
acryl/o.i.inkt/nietjes op museumkarton
24 x 27 x 8cm.
private collectie

Some of my artworks will always be there in my imaginary archive,
they ‘pop up’ in my head every now and then,
because they are dear to me.
These are the works that I want to show on my blog
in the ‘collections’-series, as an homage to their owners.
The people who l’ive with’ my drawings, paintings and sculptures
are cherished by me, I am and will always be grateful to them.
It is a precious experience to me when I’m allowed
to take my work to its new surroundings myself,
only then -it seems to me- I can appreciate it as
an independent piece of art.


via campagnano (136) 2004/2005 potl./o.i.inkt/nietjes
op museumkarton 122 x 184 x 15cm.
collection Ron Klein Breteler Schiedam.

via campagnano (105) 2004
potl/o.i.inkt/nietjes op museumkarton
62 cm hoog ø 35cm
collection Piet en Ida Sanders Schiedam


incorporare 2007
4mm.plaatstaal/rondgebogen/uitgesneden/
gelast/gepoedercoat(wit) 170 x 78 x 76 cm.
verzameling de Bruin-Heijn
zie: werk/work

via campagnano 2003 o.i.inkt/nietjes
op museumkarton 35 x 59 x 12cm.
collection Musagète Amsterdam.

zie: collections (1) zie: collections (2)
zie: collections (3) zie: collections (4)
zie: collections (5) zie: collections (6)
zie: collections (7) zie: collections (8)
zie: collections (9) zie: collections (10)
zie: collections (11) zie: collections (12)
zie: collections (13) zie: collections (14)
zie: collections (15) zie: collections (16)
zie: collections (17) zie: collections (18)
zie: collections (19) zie: collections(20)
zie: collections(21) zie: collections(22)
zie: collections (23) zie: collections(24)
zie: collections(25) zie: collections(26)
zie: collections(27) zie: collections(28)
zie: collections(29) zie: collections(30)
zie: collections(31) zie: collections(32)
zie: collections(33) zie: collections(34)
zie: collections(35) zie: collections(36)
zie: collections(37) zie: collections(38)
zie: collections(39) zie: collections(40)
zie: collections(41) zie: collections(42)
zie: collections(43)  zie: collections(44)
zie: collections(45)  zie: collections(46)
zie: collections(47) zie: collections(48)
zie: collections(49) zie: collections(50)
zie: collections(51) zie: collections(52)
zie: collections(53) zie: collections(54)
zie: collections(55)  zie: collections(56)
zie: collections(57)  zie: collections(58)
zie: collections(59)  zie: collections(60)
zie: collections(61)  zie: collections(62) 
zie: collections(63)  zie: collections(64)
zie: collections(65)  zie: collections(66) 
zie: collections(67)  zie: collections(68)
zie: collections(69) zie: collections(70)
zie: collections(71) zie: collections(72)
zie: collections(73) zie: collections(74)
zie: collections(75)

Be Brave



incorporare (22) 2005 potl./o.i.inkt op papier 122x92cm.

“Be Brave”, een hoofdstuk uit “Nobility of Spirit” van Rob Riemen, heeft me diep geraakt. Ik wil daar graag via citaten iets van overbrengen. Een poging tot het raken van de essentie vergt een lang verhaal:

“Socrates,” Aristocles said, “because of my build, my physique, the friend I lost always called me Plato, “the broad-shouldered one.” I left as Aristocles to discover how the world really is. I have returned as Plato to learn what the world should be.”
“Plato, dear friend, come here and let me embrace you. Now do you understand why you first had to abandon your family, your books, and me as well, and join that damned war? That you first had to become familiar with life before you could understand it? If you want to understand life, if you want to find a true answer to the question of what the right way of life is, then before anything else, this must become the vital question of your life, one that burns within like an inextinguishable passion. But as long as it is no more than a dutiful phrase, your existence will be nothing but the uncritical acceptance of the expectations of your family and your community, or else an obidient adjustment to the prevailing mores and customs. But if, now that you have seen so much senselessness, the question of what is really meaningful has become inevitable; if, once you have known pale desolation, you seek true consolation; if you are conscious of having lost what is dearest to you and the question of what still makes life worth living arises in silent despair, and, at the same time, you comprehend how empty the fine words are that priests spew, how hollow all complacency is, how pointless the existence of the mighty so frequently is, how you can be extremely erudite and still completely ignorant; if you know the deep-seated fear of perceiving when you are old that you have wasted your life with all sorts of things that, when all is said and done, are of no importance at all because they have no real value- then, my dear Plato, the question about the meaning of life and the right way to live has become the vital question of your life, and all that remains is the quest for truth. I am no oracle and don’t want to be one, so don’t expect me to tell you what the truth is. But your question is mine, so let us examine it together. Come, let us go. We are not alone in asking that question, and who knows what others might be able to tell us. Besides, what is more enjoyable and instructive than a good conversation?”
***
I don’t believe that a single day has gone by since that unforgettable encounter that we have not been together. If not, I can’t imagine when. How many years since I returned? Five. It seems like fifty- although I am only twenty-eight. I don’t believe, dear friend, that anyone knows you as well as I do. I have come to think like you; you have taught me your method of reasoning; you have convinced me of everything that you believe in. Although I’m here not to miss a single word of what you’re about to tell these people, I already know what you will say. And after this trial I shall once again write everything down, despite your skepticism about my scribbling.
” Something is truly known only when it can no longer be forgotten. Something is truly understood only when it is known inside the soul. Therefore it is better not to write things down, Plato. Books make people lazy, for it gives them no further need to remember, and instead of true knowledge, all you have is book learning.”
***
We examined the meaning of the word “brave” and learned that the essence of true bravery does not lie in heroic conduct toward others but in the courage to dare to be wise oneself, in practice of justice and other virtues, and in unconditional loyalty to the quest for truth”
***
In the state prison of Athens, a month after the death sentence is pronounced, Socrates drains the cup of poison.
***
In the state prison of Rome, in February 1944, Leone Ginzburg is tortured to death by his Nazi executioners.
***
A meaningful life knows no coincidences, but neither is it without choice.
***
“Everywhere, in everything, to always be on the side of freedom, against injustice, on the side of knowledge, against superstition and fanaticism, on the side of people growing to full stature, against reactionary movements- those are our goals.”
In this mission statement Leone Ginzburg recognizes a concise description of the European ideal of civilization. However, it is to a different mentor, Socrates, that he owes the insight that at the heart of all culture lies an attitude toward life, a personal ethics, in which words can be meaningful only if they are converted into actions, in which unconditional loyalty is devoted to a never-ending quest for the only thing that can provide life with meaning: truth. It is this attitude toward life that Socrates called human wisdom and true bravery.
***
Mussolini is overtrown on July 25, 1943. Ginzburg goes to Rome to take up his political activities once more. In September the Nazi’s occupy Italy. He is arrested in November because of his collaboration with a clandestine resistance newspaper. The Italian Fascists turn him over to the Germans. In the state prison of Rome he writes a letter to Natalia, his wife and mother of their three children, that is to be his testament to life. He tells her how he persists in trying to overcome his fears about his own fate and focuses instead on the suffering of his fellow men. He ends his letter with the words: “be brave”. He is referring to Socratic bravery: the courage to be wise, to continue making the distinction between good and evil, to be loyal to the quest for truth. To be brave in the same way is what he himself wishes.
***
Is it a nightmare? Or not? The visitor (a priest) in his cell begins to speak.
“Do you remember me? I think so. Yes it is I. We do know each other. We were colleagues, although you always did your best to ignore me. And why? Because even then I had taken an oath of obedience- was that why you free intellectuals looked down on me? Are you a lesser person when you’re willing to bow to authority?
***
“Why are you allowing them to torture you? Why won’t you ever adapt? You still don’t get it, do you? Don’t you understand that you could happily be with your wife and children instead of lying here, dying in a pool of your own blood on the floor of this icy cell? After waiting all these years, let’s finally have our Socratic conversation, before it is too late?
***
Why this absolute need for freedom and democracy?
“Is anyone who respects the truth going to ask the opinion of the first stray man he meets? What if Columbus or Copernicus had put the discovery of America or the turning of the earth to the vote? Well, any comment? And Plato, our divine Plato, was he not prophetic when he predicted that all democracy would end in tyranny? People cannot handle freedom; it makes their lives too difficult.
***
“What I truly don’t understand is how you possibly think that democracy and your culture can coexist. The masses are not interested, because their heads want no questions and their bellies want to be fed. Politicians are not interested, for their power depends on the stupidity of the masses. And the truly powerful, those who have the money, are not interested, because culture costs money.
***
Doesn’t it amaze you that a Catholic priest like myself is now wearing a swastika? Isn’t the Roman Catholic Church the best institution to teach absolute obedience and the art of adaptation? Would a real priest continue speaking when the Holy Father says “silence!”?
***
“Let’s bring this Socratic-style discussion to a conclusion and say that it cannot have been because of the world that you brought this terrible fate on yourself. Your life, too, should be too valuable for such a hopeless case as our world.”…
“Only one possibility remains. It’s not the world that you’re concerned about, it’s merely yourself. What was it that Socrates said in his defense? “Give attention and thought to truth and understanding of your soul!”. How melodramatic. You really believe that nonsense? I find that hard to accept, and yet it’s the only explanation I can come up with for the life you led and the choices you’ve made.
***
“Well, then, what now? In the first place, the “divine” seems problematic to me when both you and I know that the only god that can conceivably exist is truly omni-impotens. And surely I may assume that you, too, have knowledge of Nietzsche, Darwin, and Freud, who, each in his own way, merely repeats what Callicles so correctly posited”.
The voice grows louder, grimmer.
“Why, then, all this nonsense about a soul and divine truth! I know, I’ll burn in hell if it’s true. But the only hell there is, my friend, is here on earth- a hell from which I’ve managed to escape.”

It is silent. The sound of a slamming door. All goes black before his eyes.
***
Suddenly another image fills his head. An early summer morning.
…He is ready to head for Rome, but his young wife insists that he at least drink his coffee. Shortly thereafter they are outside the door together, in front of the small house where they have spent three of their five married years. A stately blue heron flies by. She embraces him, gives him a kiss. “Be careful,” she says softly. He looks into her eyes, smiles, caresses her short hair, and says: “be brave.” Then everything goes white.

From: Nobility of Spirit, a forgotten ideal, by Rob Riemen.
(chapter four: Be Brave)
Yale University Press. New Haven & London.

“Nobility of Spirit” is te bestellen bij Nexus Instituut

“Nobility of Spirit” was a present from an old friend, zie: atelierbezoek (3)

a present from a friend (3)



Op 14-12-2008 werd in Museum Beelden aan Zee
in Scheveningen, in een geesteskind
van Wim Quist dus, temidden van dierbaren
en relaties HET boek gepresenteerd over 50 jaar werk:

WIM QUIST
De magie van de ratio

Eén van de sprekers, Gerard van Zeijl,
sprak van een oeuvre van
“schier schaamteloze schoonheid”.


Het boek kregen we mee,
een geschenk van een vriend.

Wim Quist, de magie van de ratio.
632 pagina’s/ fotografie: Kim Zwarts/ tekst: Auke van der Woud/
vormgeving: Reynoud Homan/ toelichting: Wim Quist
Pale Pink Publishers, Maastricht: PPPublishers@xs4all.nl
distributie: Coen Sligting Bookimport, Amsterdam.

Quist Wintermans Architekten

zie: Present from a friend (1) zie: Present from a friend (2)
zie: Present from a friend (3) zie: Present from a friend (4)
zie: Present from a friend (5) zie: Present from a friend (6)
zie: Present from a friend (7) zie: Present from a friend (8)
zie: Present from a friend (9) zie: Present from a friend(10)
zie: present from a friend(11) zie: Present from a friend(12)
zie: Present from a friend(13) zie: Present from a friend(14)
zie: Present from a friend(15) zie: Present from a friend(16)
zie: Present from a friend(17) zie: Present from a friend(18)
zie: Present from a friend(19) zie: Present from a friend(20)
zie: Present from a friend(21) zie: Present from a friend(22)
zie: Present from a friend(23) zie: Present from a friend(24)
zie: Present from a friend(25) zie: Present from a friend(26)
zie: Present from a friend(27) zie: Present from a friend(28)
zie: Present from a friend(29) zie: Present from a friend(30)
zie: Present from a friend(31)

Stroomopwaarts(2)

Stroomopwaarts (8) 2004 acryl/o.i.inkt/nietjes
op museumkarton 37 x 24 x 17cm.
private collection Spain.

Buitenschilderen vereist vechtlust.
De weidsheid slaat je alles uit handen.
Langs vaste boeien vaar je blind
op vaardigheden
terwijl je hand werkt.
Bewondering en verachting balanceren
tussen opgeven en volbrengen.
Alles steeds kwijt
de kwasten, de kleuren, de wolken, de beweegredenen.
En toch, ‘s winters zeurt de weemoed:
niets tastbaars in de verte.

langs de Lek (juli 2008) acryl/o.i.inkt op papier 23x30cm elk.

zie: Stroomopwaarts(1)
zie: Snijden
zie: luchtgevecht
zie: gaandeweg

Camus


Albert Camus

Uit: de pest

Kort voor zij daar aankwamen, merkten zij de nabijheid
van de zee aan een geur van jodium en algen.
Toen hoorden zij haar.
Zij floot zacht aan de voet der grote rotsblokken van de pier
en toen ze die beklommen hadden, verscheen zij voor hen,
dik als fluweel, soepel en glad als een dier.
Zij gingen op de rotsen zitten,
met het uitzicht op de wijde uitgestrektheid.
Het water rees en daalde langzaam.
Deze rustige ademhaling van de zee
deed aan de oppervlakte van het water olie-achtige glanzen
beurtelings verschijnen en verdwijnen.
Voor hen lag de oneindigheid van de nacht.
Rieux voelde onder zijn vingers het brokkelige gezicht
der rotsen en was vervuld van een vreemd geluk.
Toen hij zich naar Tarrou wendde, las hij op het kalme
en ernstige gelaat van zijn vriend eenzelfde geluk,
dat geen vergetelheid van node had,
zelfs niet die aan de moorden.
Ze kleedden zich uit.
Rieux dook het eerste.
Het water, dat eerst koud was,
leek hem zoel toen hij omhoog kwam.
Na enige slagen wist hij dat de zee die avond lauw was,
de lauwheid van herfstgolven, die de sinds lange maanden
opgezamelde warmte uit de aarde overnemen.
Hij zwom met regelmatige slagen.
De beweging van zijn voeten vormde een schuimende deining
achter hem, het water vloeide langs zijn armen
en drong zich rondom zijn benen.
Een zwaar geplons verried hem, dat Tarrou in zee was gedoken.
Rieux ging op zijn rug liggen en dreef roerloos,
met het gezicht naar de hemel vol maanlicht en sterren,
die hij nu van onderop aanschouwde.

zie: inleving
zie: Tsjechof

“(…) alsof het ijzeren, het loden leven door gouden,
tedere, olieachtige melodieën
van zijn zwaarte moet worden ontdaan.”
(Friedrich Nietzsche)

Genova on my mind




Genua januari 2008,
foto Marjolijn

‘Als er diese Stadt zum letzten Mal
auf dem Weg nach Turin besuchte,

schrieb er Anfang April 1888:
“In Genua bin ich herumgegangen
wie ein Schatten unter lauter Erinnerungen.
Was ich einstmals dort liebte, fünf,
sechs ausgesuchte Punkte,

gefiel mir jetzt noch mehr …
Ich war nie dankbarer,
als bei dieser Pelerinage bei Genua“.’
(Nietzsche mit Goethe in Italien, Mazzino Montinari)

‘Überhaubt ist Genua doch eigentlich mein glücklichster Griff,
in Bezug auf Gesundheit und geistige Ungestörtheit.
Ich habe ein sehr helles, sehr h o h e s Zimmer
das wirkt gut auf meine Stimmung.
Ganz in der Nähe ist ein reizender Garten (Villetta di Negro),
der offen steht, mit mächtigem
waldartigen Grün (auch im Winter),
Wasserfällen
, wilden Thieren und Vögeln

und herrlichen Fernblicken auf Meer und Gebirge –
alles auf sehr kleinem Raume.
(An Franziska und Elisabeth Nietzsche. Genua 21 Dezember 1881)

De “saturnaliën van de geest” staan voor de zonnewende
die Nietzsche zelf gemaakt heeft:
hij is als het ware uit een toestand
van ijskoude bezig weer warm te worden.
Het ijs in hem smelt door de Genuese zon en nieuwe,
hoopgevende gedachten.
Vandaar dat Nietzsche zo mooi zegt, dat het boek
in “de taal van de dooiwind” is geschreven
en dat er “aprilweer” in zit:

hij komt vers uit de winter,
er is nog een rest van winter te bespeuren,

maar ook al “overwinning op de winter”.’

uit: Lof der Méditerranée. Martine Prange

zie: dooiwind
zie: Salita delle Battistine
zie: nagelaten fragmenten
zie: inleving
zie: Genua-citaten
zie: young Nietzsche
zie: Inschepen!

Paper logweb

f
foto: atelierwand als inspiratiebron.

Met het minste of geringste restje bijgeloof dat men in zich heeft,
zou men de indruk niet meer dan incarnatie,
niet meer dan mondstuk, niet meer dan medium te zijn
van hogere machten, nauwelijks van zich af kunnen zetten.
Het begrip openbaring, in die zin dat er ineens,
met een onuitsprekelijke zekerheid en finesse, iets zichtbaar,
hoorbaar wordt, iets wat iemand in zijn diepste innerlijk treft
en van zijn stuk brengt,
geeft de feitelijke toedracht kort en goed weer.
Hij hoort, hij zoekt niet; hij neemt, hij vraagt zich niet af
van wie de gift afkomstig is; als een bliksemstraal schittert
een gedachte op, onafwendbaar, onverwijld
in de juiste vorm gegoten- nooit heb ik een keus gehad.
Een verrukkelijk gevoel, waaraan een reusachtige spanning
gepaard gaat, die zich van tijd tot tijd oplost
in een stroom van tranen, waardoor de pas
nu eens onwillekeurig hevig versnelt, dan weer langzaam vordert;
een volkomen buiten-zichzelf-zijn, gepaard gaande
met een allerduidelijkst bewustzijn
van zeer veel verfijnde huiveringen en rillingen
die men voelt tot in de toppen van zijn tenen;
een diepe gelukssensatie, waarin het pijnlijkste,
het duisterste niet aandoet als tegenstelling, maar
als een voorwaarde, een vereiste, een noodzakelijk kleurvlak
temidden van een zodanig overvloedig licht,
een instinctief gevoel voor ritmische verhoudingen,
dat weidse ruimten vol vormen overspant.
De lange duur, de behoefte aan een wijdlopig ritme
zou bijna de maatstaf kunnen heten
voor de hevigheid van de inspiratie,
een soort tegenwicht voor de druk
en voor de spanning die ervan uitgaat…
Alles gebeurt in de hoogste mate onvrijwillig,
maar wel als in een stormachtig gevoel van vrijheid,
van onbepaaldheid, van macht, van goddelijkheid…
De onvrijwilligheid van het beeld, van de gelijkenis,
is het opmerkelijkst; men heeft geen begrip meer
van wat beeld en gelijkenis is, alles presenteert zich
als de meest directe, de nauwkeurigste,
de eenvoudigste uitdrukking.
Het lijkt er werkelijk op alsof de dingen uit zichzelf
naderbij komen en zichzelf voor een gelijkenis aanbieden.
Dit is m i j n ervaring van inspiratie.

Friedrich Nietzsche in “Het manifest van het dansante leven”
uit: Landschappen van Nietzsche.
door Sylvain de Bleeckere.

zie: Dagboekachtig
zie: Dooiwind
zie: Salita delle Battistine 8

Ode

Ode aan het buiten schilderen,
eenduidig corvee …

painting on the spot, unambiguous corvee

Ode

Oubliable (35) 2000 acryl op museumkarton in plastic doosje
15 x 15 x 6cm.


Dicht en verstrengeld is het borduursel van de
omstandigheden.
De steken van de mier in het gras.
Het gras dat aan de aarde is genaaid.
Het patroon van een golf waardoor een twijgje wordt geregen.


Wanneer ik zoiets zie, verlaat me altijd de zekerheid
dat wat belangrijk is
belangrijker is dan wat onbelangrijk is.

Wislawa Szymborska
uit: Een titel hoeft niet.
(via Jantje Weitering-Rosies)

zie: buitenschilderen
zie: snijden
zie: binnen-buiten
zie: oogst
zie: buitenplaats

potlood op papier

Een prachtig voorbeeld van de ontroering
die een potlood en een papiertje teweeg kunnen brengen
vind ik een tekening van Pjotr Mitoeritsj (1887-1956)
van de Russische dichter Velimir Chlebnikov
op zijn sterfbed, uit 1922.
Sober, gedetailleerd, trefzeker en vol mededogen
is verbeeld wat niet te vatten is.
De titel vult aan, tezamen vormen ze een meesterwerk.
Deze krantenknipsel-tekening hangt al vele jaren
in mijn atelier, als bewijs van de meest
rechtstreekse verbeelding van diepe bewogenheid.

Uit:
NRC Handelsblad op 11-2-1994
bij een boekbespreking door Bernard Hulsman.

Jevgenij Kovtoen poneert in het boek
Russische Avant-Garde, Chlebnikov
en zijn tijdgenoten

Malevitsj, Filonov, Tatlin en Mitsoeritsj
dat de dichter Chlebnikov een beslissende invloed
heeft gehad op de beeldende kunst
van de Russische avant-garde, dat hij:

de ziel, het lichtgevende middelpunt was,
wiens artistieke stralen de wegen van veel kunstenaars verlichtten“.

In het boek komt een mooi verslag voor
– geschreven door Mitsoeritsj- van de laatste anderhalve maand
van het leven van de zieke dichter Chlebnikov.
Over hoe hij steeds verder verzwakte
en tenslotte in een klein badhuis stierf:
“We begroeven Velimir
op het dorpskerkhof van Roetsj,

in de linkerhoek vlakbij de omheining van het kerkhof,
die papallel liep aan de achtermuur,
tussen een spar en een den.

Vasiljev heeft hem vervoerd. Het regende.”

Grafschrift in kobalt:
“De Eerste Voorzitter van de Aardbol
– Velimir Chlebnikov.”
Het grafschrift is een verwijzing naar
Chlebnikovs zoektocht naar
“het alfabeth van de sterrentaal”,
een universeel verstaanbare taal,
die niet was gebaseerd op woorden maar op klanken.