Domaine indéfinissable(4)

… au-delà du Nord (troisième partie) …

zie: Haus im Norden (Peter Fox)
zie: les couleurs du Sud

Ver’schijn’terrein / auftauchendes Gelände /
Looming area / Domaine indéfinissable

bewustzijn van schijn(59) 2019 (61-delige serie)
potlood (6H t/m 8B) op museumkarton 23 x 30 cm

zie: Il faut Méditerraniser(3)
zie: Domaine indéfinissable(2)
zie: Domaine indéfinissable(3)
zie: Domaine indéfinissable(5)
zie: bewustzijn van schijn(7)
zie: les jardins(S)(3)

bewustzijn van schijn(61) 2019 (61-delige serie)
potlood (6H t/m 8B) op museumkarton 23 x 30 cm

“Wir lagen fröhlich wie zwei Seeigel in der Sonne. (…)
Ihr getreuer Seelen-Nachbar,
F. Nietzsche
an Heinrich Köselitz in Venedig,
Genova den 5. Februar 1882

zie: Genova on my mind
zie: il faut méditerraniser(2)

Onze kaarten hebben we achtergelaten,
ergens, niet boos, niet weemoedig:
ze vertelden ons wat we al wisten,
waar we vandaan kwamen.
Niet waar we waren.

Rutger Kopland
(met dank aan Wim van Willegen)

3 thoughts on “Domaine indéfinissable(4)”

  1. OPEN PLEK

    Midden in het bos bevindt zich een onverwachte open plek
    die slechts gevonden kan worden door wie is verdwaald.
    De open plek is omsloten door een bos dat zichzelf verstikt.
    Zwarte stammen met asgrijze mosstoppels. De dicht opeengedreven
    bomen zijn dood tot aan de toppen, waar een paar sporadische groene
    takken aan het licht raken. Daaronder: schaduw broedend op
    schaduw, het groeiende moeras.
    Maar op de open plek is het gras verwonderlijk groen en
    levend. Er liggen grote stenen, in rangorde. Het moeten de funda-
    menten van een huis zijn, misschien heb ik het mis. Wie hebben hier
    geleefd? Niemand kan er opheldering over geven. Namen staan
    ergens vermeld in een archief dat niemand opent (alleen archieven
    blijven jong). De mondelinge overlevering is dood en daarmee de
    herinneringen. De zigeuners weten, maar zij die kunnen schrijven
    vergeten. Noteren en vergeten.
    De keuterboerderij gonst van stemmen, zij is het middelpunt
    van de wereld. Maar de bewoners sterven of trekken weg, de kroniek
    stokt. Vele jaren staat zij verlaten. En de keuterboerderij wordt een
    sfinx. Ten slotte is alles op de fundamenten na verdwenen.
    Op de een of andere manier ben ik hier eerder geweest, maar
    moet nu gaan. Ik duik het struikgewas in. Dring er slechts moeizaam
    doorheen, één stap voorwaarts en twee opzij, als een schaakpaard.
    Geleidelijk wordt het bos dunner en lichter. Schreden worden langer.
    Een voetpad sluipt op mij af. In ben terug in het communicatienet.
    Op de neuriënde electriciteitspaal zit een kever in de zon.
    Onder de glanzende dekschilden liggen zijn vleugels even zinvol
    gevouwen als een door een expert ingepakte parachute.

    Prozagedicht van Tomas Tranströmer; vertaling Bernlef

Leave a Reply

Your email address will not be published.